« Liever schelden dan debatteren - de waardevolle lessen van de eerste Gouden Doerian | Main | nog meer tips om het boekenbal binnen te komen »

05 maart 2005

reactie Ingmar Heytze op deurbeleid CPNB

Ontnodigd

Van sommige gebeurtenissen vraag je je af waarom ze in godsnaam nieuws zijn. Zo pikten de meeste kranten begin deze week een miniatuurrelletje in letterenland op: het intrekken van de uitnodiging (wellicht past hier de introductie van een nieuw werkwoord: ‘ontnodigen’) van een aantal auteurs voor het Boekenbal. De stichting CPNB (Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek), die het Boekenbal organiseert, heeft de schrijvers die optreden op het zogenaamde Bal der Geweigerden in Paradiso ontnodigd. Voor niet ingewijden: de CPNB is een organisatie die op haar website weergaloos nuttige informatie geeft over de verkoopcijfers van typisch Nederlandse titels als Harry Potter en de Orde van de Feniks en De Da Vinci code.
Het Bal der Geweigerden, volgens Hanneke Groenteman ‘een beetje een non-bal voor non-genodigden’, is een alternatief boekenbal met een uitgebreid programma van optredende auteurs en cabaretiers. Omdat het Bal der Geweigerden plaatsvindt in Paradiso, op een steenworp afstand van het Boekenbal, is het goed mogelijk om je aandacht over beide ballen te verdelen – gesteld dat je was uitgenodigd voor dat Boekenbal en niet bent ontnodigd omdat je misschien ook een paar uur wil rondlopen op een evenement waar wél aandacht voor schrijvers is.
Het Boekenbal. Laat ik eerlijk toegeven dat ik er één keer van mijn leven ben geweest, in 1998. Het was geen avond om over naar huis te schrijven, maar dat kan goed aan mij hebben gelegen. Ik ben geneigd om me niet erg op mijn gemak te voelen als ik me niet in of vlakbij Utrecht bevind. Afgezien daarvan sluit ik me aan bij de hoofdpersoon uit Ronald Gipharts Giph: ‘Zo’n boekenbal is mij al met al te Amsterdam, te interessant, te ingroep, te ons kent ons.’
Wat is er nu zo aantrekkelijk aan het Boekenbal? Vooral de zorgvuldig gecultiveerde illusie dat het Echt Heel Bijzonder is als je daarvoor wordt uitgenodigd. In werkelijkheid is dat natuurlijk kul. Wie loopt er helemaal rond op het Boekenbal? Heel veel schrijvers, denkt u misschien. Dat heeft u fout gedacht. Volgens Henk Kraima, directeur van de CPNB, is het Boekenbal ‘Een feest voor de gehele boekenbranche, dus niet alleen voor auteurs.’ Eenderde van de kaarten gaat naar schrijvers: ‘Dat zijn er tweehonderd.’ Wie mogen die andere vierhonderd bezoekers dan wel zijn? Winterschilders? Kamerleden? Groenteboeren? Nee, uitgevers natuurlijk. En boekhandelaren. Dat hoop ik tenminste.
In totaal zullen slechts zes auteurs op beide Ballen hun opwachting maken: Vrouwkje Tuinman, Tommy Wieringa, Erik Jan Harmens, Menno Wigman, Mustafa Stitou en Rosita Steenbeek. Dat is dus precies één procent van het totaal aantal genodigden. Volgens Kraima zijn die schrijvers ‘wel een beetje egoïstisch. Ze blokkeren in feite de toegang van anderen.’ Zo, die zit. Zes verdomde zelfzuchtigen die het allemaal weer volkomen verpesten voor die 594 andere, eerzame mensen uit het boekenvak, die nu al wakker liggen van vragen als: ‘Met wie waag ik mijn eerste dans?’ en ‘Waar haal ik in vredesnaam een gouden outfit vandaan om aan de dresscode te voldoen?’
Om de illusie van de Goddelijke Genodigdheid in stand te houden, wordt zelfs de publieke vernedering niet geschuwd. In NRC Handelsblad van maandag j.l. stond een artikeltje waarin te lezen viel: ‘De CPNB heeft na smeekbedes van Vrouwkje Tuinman en Menno Wigman vanmorgen alsnog kaarten voor deze auteurs beschikbaar gesteld.’ Nu ken ik deze schrijvers toevallig. Ik weet uit de eerste en de tweede hand dat zij geen van beiden om kaarten voor het Boekenbal hebben gesmeekt. Ze vroegen zich alleen af waarom ze eerst werden uitgenodigd, en vervolgens werden ontnodigd omdat ze vooraf andere verplichtingen hadden, zodat ze pas na het openingsprogramma zouden verschijnen. Bij andere bezoekers vindt de CPNB dat namelijk ook geen probleem – je kunt van tevoren gewoon aangeven of je wel of niet bij dat programma aanwezig bent. Na een zwart op wit gedrukte leugen van deze botheid zou ik persoonlijk niet meer dood willen worden gevonden op het kutfeest van Kraima. Naar de lommerd met die gouden jurk!

Ingmar Heytze

(Dit stuk werd gisteren gepubliceerd in het Utrechts Nieuwsblad)

jaeggi om 05 maart 2005 15:04

Post a comment




Remember Me?