« als we groot zijn | Main | jaeggi ut Magyar »

02 april 2008

een goed humeur

(Deze column verschijnt vandaag ook in Het Parool.)


Mijn moeder was iemand die aan haar lijstjes – wat mee te nemen op schoolreis, de bagage voor ponykamp – als laatste steevast toevoegde, na zaklamp en zakmes: een goed humeur. Dat maakt mijn moeder, zo’n dertig jaar na haar dood, een visionair medisch genie. In het ziekenhuis waar ik vorige maand twee weken doorbracht werd mij namelijk van alle kanten verzekerd dat een goed humeur het beste middel is voor een voorspoedig herstel. De tijd gaat nergens langzamer dan in een ziekenhuis, dus ik had genoeg tijd om daarover na te denken. Ik had nooit vermoed dat een goed humeur (alias: een positieve instelling/een goed gevoel tussen de oren) zo belangrijk was. Het was een soort magische formule. In de boeken die vrienden en familie voor mij meenamen (ik ben inmiddels de trotse bezitter van een goedgesorteerde kankerbibliotheek) stond het goede humeur ook hoog aangeschreven. Dr. Servan-Schreiber (bekend van de bestseller Uw brein als medicijn) schrijft in Antikanker: ‘Artsen hebben steeds psychologische oorzaken verbonden met kanker. Tweeduizend jaar geleden was het de Grieks-Romeinse arts Galenus opgevallen dat kanker vooral voorkwam bij gedeprimeerde mensen.’ Ach ja, tweeduizend jaar geleden, glorietijd van de geneeskunst, toen men het drinken van urine van kool-eters dringend aanbeval als koortswerend middel. Maar dr. Servan vertrouwt niet alleen op de oude Romeinen: ‘In 1846 waren de Engelse medische autoriteiten van oordeel dat geestelijke ontreddering, een neerslachtige stemming… de belangrijkste oorzaken van de ziekte vormen. (-) Veel van mijn vrienden die oncoloog zijn, komen tot dezelfde conclusie.’ Oei. Het gaat verder dan ik dacht. Niet alleen is een goed humeur ongeveer je enige kans op genezing, daarnaast worden mensen met een slecht humeur gestraft met kanker!
Een andere ‘kankerspecialist’, Lothar Himreise, die zijn autoriteit baseert op het feit dat hij nooit medicijnen heeft gestudeerd, zegt: alle kanker is te wijten aan stress. Hij raadt ons aan ontspannen in gesprek te gaan met onze kwelgeest: “’Lieve tumor, dit is een verlies/verlies situatie. Als jij groter wordt, moet ik sterven en jij dus ook. Laten we de zaak omdraaien tot een win/win situatie.”’
Nu zou ik normaal geen aandacht besteden aan dit soort cynische krankzinnigen - maar kortgeleden heeft het lot mij in de gelegenheid gesteld hun theorieën in de praktijk te testen. Ik weet zelfs de uitslag al: ze slaan nergens op. Ziet u: ik heb namelijk een goed humeur. Altijd gehad, mijn hele leven al. U zou lang moeten zoeken om in Nederland een opgewekter man te vinden. En toch heb ik kanker.
Ik leef stressvrij (incidentele echtelijke ruzies of woedeaanvallen voor de TV niet meegerekend), ik ee gezond en met het drankgebruik valt het reuze mee. En toch kreeg ik kanker. Het is geen overdonderend wetenschappelijk bewijs, maar er is maar weinig bewijs voor nodig om de theoriën van kwakzalvers als Servan, Himreise en dokter ‘drink meer pis’ Galenus omver te kegelen.
Een goed humeur helpt je niet van je kanker af. Het is hoogstens een praktisch bezit, dat je helpt in moeilijke tijden, en dat je roekeloos plannen laat smeden ver voorbij de tijd die je gegeven is. Zo heb ik met deze krant de afspraak dat ik vijf jaar een column schrijf, en vervolgens ontslagen wordt. Dan spreken we over 6 april 2013. Ik kan u niet zeggen hoezeer ik uitzie naar die dag.


jaeggi om 02 april 2008 09:14