« de mooiste stem op aarde | Main | paspoort »

29 oktober 2007

corps


Ik had nog dertig tentamens te gaan, en een half jaar om ze in te doen.
Om te beginnen moest ik maar eens weg uit mijn gezellige corpshuis, naar een kamer waar ik rustig kon studeren. Een vriend die geen corpslid was - een knor, moest je dan zeggen - hielp met verhuizen. Het laatste dat wij naar mijn nieuwe kamer sleepten was mijn matras. Deze legden we op mijn fiets en zo wankelden wij over de Breestraat, langs sociëteit Minerva, waar op dat moment, het was de late borrel, een machtig kabaal uit opsteeg. Flarden van gezang, gelach en gebral tierden welig op een humuslaag van hitsig geroezemoes. Het was lang geleden dat ik er voor het laatst geweest was. Mijn tijd daar was voorbij. Ik was zo in gepeins verzonken dat ik de fiets bijna tegen een kar aanstuurde die midden op straat stond, zo'n aanhangwagen voor paardenvervoer waar ik altijd licht opgewonden van wordt - geen idee waarom.
Mijn vriend duwde de matras recht. Hij wees op de aanhangwagen en daarna op de ramen van de sociëteit, waar het lawaai aanzwol. Zuur lachend zei hij: 'Je gaat me toch niet vertellen dat ze daarbinnen een paard hebben rondlopen?'
Ik reageerde geprikkeld. ‘Ach, je moet al die lulpraatjes over het corps niet geloven. Dat is allemaal sterk overdreven.' Ik was nog niet uitgesproken of de deuren van de sociëteit zwaaiden wijd open, en tussen twee oppassers in schreed statig een kameel naar buiten.

jaeggi om 29 oktober 2007 10:50