« wat je ook niet moet hebben | Main | wat ik had moeten lezen »
27 juni 2006
marieke
Het was aan het eind van de tweede klas dat Marieke begon na te denken over het eten van mensen, en hoe het zou smaken. Al wist ze - heus wel - dat ze niet doortastend genoeg was om ooit haar nieuwsgierigheid te bevredigen, het gaf haar toch een andere kijk op de mensen om haar heen. In haar klas zaten weinig kinderen waarvan ze zou willen eten, en de gedachte dat ze haar tanden in een stuk van juffrouw Lo Pinto, de bebrilde lerares kunstzinnige vorming, zou moeten zetten deed haar grinnikend kokhalzen. Wel voelde ze een hol gevoel in haar maag bij de gedachte aan - en als je dit ooit aan iemand vertelt steek ik een passer in je oog - de malse voetzolen van de leraar Engels die op sportdagen het lerarenvolleybalteam aanvoerde.
Maar waar ze vaak van droomde, als ze haar schooltas door de gangen achter zich aan sleepte, was dat ze Fulco zou tegenkomen. Dat ze de hoek bij de lerarenkamer zou omslaan en daar was hij ineens en hij zou zeggen hallo en zij zou achteloos, zonder blozen of stotteren, terugzeggen: ‘Hé, heb je zin om een keer te komen eten?’
Als hij langskwam zou ze een biefstuk voor hem bakken met frietjes uit de oven en daarna zouden ze naar boven gaan naar haar kamer en haar ouders zouden er niks van kunnen zeggen want wat heb je verder nog in te brengen als je in moten in de vrieskist ligt?
jaeggi om 27 juni 2006 10:16
