« Prijs de Heer in al zijn goedheid | Main | the girls in my life part I »

13 oktober 2005

feuten

Het was een mooie avond, ergens eind vorige maand, en wij zaten voor het huis met een glas ondrinkbare cranberry-wijn toen vier jongens voorbijrenden. Als ik zeg rennen bedoel ik eigenlijk een vorm van haastig sloffen. Ze hijgden. Hun hoofden waren purperrood. Alle vier droegen ze hetzelfde uniform: een lichtbruine ribbroek, openhangend lichtblauw overhemd met stropdas op half zeven, en een blauw colbertjasje dat op de rugnaad was opengescheurd, zodat de halve panden doelloos onder hun oksels waperden, als bij die vleugellamme lieveheersbeestjes die we af en toe verdwaasd door het souterrain zien scharrelen. Nadat de jongens uit het zicht waren verdwenen bleef nog zeker een kwartier een zware bierwalm in de straat hangen.
‘Hè gezellig,’ zei mijn vriendin. ‘Feuten.’
Wij hebben elkaar voor het eerst ontmoet op de sociëteit van een studentenvereniging. Ontmoeting is misschien een groot woord: zij was op dat moment bezig met het imiteren van een duur merk lipstick, en ik was met twee zwaarlijvige rugbyers in een discussie verwikkeld over de vraag of het menselijk lichaam, in dit geval het mijne, geschikt was om als rugbybal te gebruiken, dus die avond hebben we elkaar niet gesproken, maar toen we elkaar jaren later weer tegenkwamen was het direct een vertrouwd gevoel, een gevoel dat je alleen maar kunt delen met mensen die ook ooit een hele avond in de hoek een paraplubak moesten imiteren.
In Nederland wordt nog altijd schijnheilig gedaan over de ontgroening van eerstejaarsstudenten. Journalisten doen niets liever dan het onthullen van nieuwe ‘excessen’ op de studentencorpora. Ook dit jaar weer zal er half oktober ergens een student buiten bewustzijn raken van teveel drank, en dat nieuws zal groot in alle kranten gebracht worden, compleet met sussende woorden van de Senaat of het Collegium van de betreffende studentenstad: drie iets te vette jongens met puntige adamsappels in streepjespakken en twee meisjes met een adem als de binnenkant van een asbak en de knokige benen van hun moeder in kokerrokjes.
Het blijft mensen fascineren. Maar waarom? De ontgroening is allang geen geheim meer. Afgelopen week zag ik hoe de uitgeputte, halfnaakte kandidaten van Expeditie Robinson, die zich tot dan toe in leven hadden moeten houden met slijmerige krabben en inktvisjes, die aan allerlei vormen van gemene psychologische truukjes werden blootgesteld en vaak de wanhoop nabij waren, onthaald werden op een feestmaal van friet, geroosterde karbonades en mayonaise. De wijn vloeide rijkelijk. Het geluk straalde van hun gezichten.
Dus wie eindelijk wil weten wat zich afspeelt achter de gesloten deuren van de studentencorpora, wie zich altijd heeft afgevraagd waarom mensen zich vrijwillig laten vernederen, en wie denkt dat ontgroening een tijdverdrijf van onvolwassen studenten is: kijk naar Expeditie Robinson - en sowieso al die eilandprogramma’s waarin elke vernedering, verleiding en beproeving de kijkcijfers omhoog jaagt. En even voor de goede orde: ik zie daar geen enkel kwaad in. Vernedering en beproeving hoort bij het leven, en wie dat niet gelooft heeft nog nooit ergens gesolliciteerd, of in de rij gestaan bij het GAK.



jaeggi om 13 oktober 2005 10:50

Post a comment




Remember Me?