« plaag | Main | de staat van de Nederlandse literatuur aan de vooravond van het nieuwe culturele seizoen »
08 september 2005
hufter van beroep
Het is mogelijk dat er in West-Europa een grotere hufter rondloopt dan Jan Dijkgraaf, maar waarschijnlijk is het niet.
Jan Dijkgraaf, hoofdredacteur van het gratis treinkrantje Metro, is de soort beroepshufter die graag zijn personeel kleineert. Zo worden Metro-columnisten niet ontslagen per telefoon, niet met een stevige borrel erbij, maar per e-mail. Dijkgraaf begon hiemee in maart 2002, toen hij als waarnemend hoofdredacteur mocht aantreden op voorwaarde dat hij eerst een scheepslading columnisten ontsloeg. Geen probleem voor Jan. De eerste stappen op het hufterspad waren gezet. Maar Dijkgraaf is een ambitieuze hufter, die graag het beste uit zichzelf en anderen wil halen. Dus vorige maand vlogen schrijvers Pam van Vliet en Justus van Oel eruit bij Metro. Per e-mail.
Er zijn geen voorschriften voor het ontslaan van mensen, maar dergelijke brute vormen van ontslag worden vooral beoefend door Amerikaanse bedrijven waar de werknemer op maandagochtend zijn spullen (familiefoto, agenda, bureauplant) in een verregende kartonnen doos aantreft op de stoep van zijn voormalige werkgever. Het is een efficiënte manier van werken – maar zelfs in het harde Amerikaanse bedrijfsleven gaat men zelden zover om de ontslagen werknemer op de stoep nog eens een ferme trap na te geven. Hoofdredacteur Dijkgraaf heeft daar minder problemen mee. In maart 2002 zei hij over de door hem ontslagen columnisten: ‘Sommigen konden helemaal niet eens schrijven’, en drie jaar later verkneukelt hij zich daar nog steeds over, op zijn weblog dsdays, in een stukje vol leedvermaak over het ontslag van columnist Justus van Oel bij het Haarlems Dagblad. Het HD was zo stupide om haar columnist te laat te informeren, en Dijkgraaf gniffelt: ‘Tuurlijk moet je nieuws als krant voor jezelf houden. Dus las iedereen, inclusief Justus van Oel zelf, in het Haarlems Dagblad de primeur over Van Oels ontslag als columnist. Ik deed zo'n ontslagrondje drie jaar geleden nog per mail, tot grote woede van de circa 54 Metro-columnisten die wij “lieten gaan”, maar dit is inderdaad beter. (Dat Justus met geld te lijmen is, verbaast me trouwens wel...).’
Ongetwijfeld wist Dijkgraaf op dat moment al dat hij een paar dagen later zelf Van Oel zou ontslaan. Per e-mail natuurlijk. De trap na kwam dit keer in De Volkskrant: 'Soms heb je het gewoon gehad met iemand. Ik werk hier nu drieënhalf jaar en heb Justus nog nooit gezien. Ik lees alleen elke twee weken hetzelfde van hem, en dat gaat vervelen.’
Hieruit leren wij iets over het karakter van de ware hufter: hij durft mensen nooit iets recht in hun gezicht te zeggen. De toon die Dijkgraaf aansloeg in zijn ontslagmail aan Van Oel was namelijk heel anders: ‘Ik wil je dan ook zeer bedanken voor al je tweewekelijkse bijdragen aan Metro. Ze hebben ongetwijfeld veel mensen aan het denken gezet, wat ook bleek uit de soms forse aantallen ingezonden brieven die je genereerde. Ik hoop dat je mij de komende twee maanden nog regelmatig zult verrassen. Nogmaals: veel dank en alle goeds in de toekomst!’
Overigens is niet duidelijk waarom hoofdredacteur Dijkgraaf columnisten die hem verveelden de volle drieëneenhalf jaar van zijn hoofdredacteurschap heeft laten aanmodderen, en nu pas ingrijpt. Misschien heeft dit iets te maken met het feit dat Dijkgraaf graag columnisten vernedert. Bijvoorbeeld door onder hun column een balkje te plaatsen met daarin een stoplicht en een e-mailadres. De lezers konden via dit adres melden welke columnist hen niet aanstond, en het bijbehorende stoplicht navenant op oranje of rood laten springen. En Dijkgraaf maakte zijn rijzende faam als über-hufter pas echt waar toen onder de Metro-columns een balkje verscheen met de tekst: ‘Kunt u het beter? Stuur ons dan uw column.’
Als ik Justus van Oel en Pam van Vliet was zou ik blij zijn dat ik van dit soort sadistisch getreiter verlost was. Overigens, heel gek, is uit Dijkgraafs treitercampagne niet één nieuwe columnist voortgekomen. Kennelijk zitten er geen fantastische nieuwe columnisten onder het Metro-lezerspubliek.
En dan is er nog de manier waarop Dijkgraaf Theo van Gogh exploiteert.
Theo van Gogh is nog steeds columnist bij de Metro. Dat wil zeggen: de plaats waar zijn column stond wordt nu leeggelaten. Als gebaar. Als monument. Ik heb mensen wel horen zeggen dat ze het indrukwekkend vonden. Ik vind het inderdaad indrukwekkend hoe Dijkgraaf de laatste druppeltjes goedkoop effectbejag weet te persen uit de moord op een van zijn medewerkers. Het hele monument voor Van Gogh kost hem intussen geen kwartje, want voor die lege kolommen hoeft geen cent betaald te worden. Het zou mij tenminste verbazen als Dijkgraaf voor elke niet-geplaatste column van Van Gogh ook maar een cent had overgemaakt naar Van Gogh’s Column Producties.
Een jaar na dato blijkt het monument voor Van Gogh overigens alweer klaar voor de sloop, want Dijkgraaf ziet op de plaats van Van Goghs monument straks graag een column door 'jonge, bekende vrouwen die geen ghostwriter nodig hebben'.
Deksels, wat een eisenpakket. Om columnist in Metro te worden moet je een bekende kut hebben en helemaal zelf je columns schrijven. Dat zal nog niet meevallen, want bekendheid en schrijftalent gaan tenslotte maar zelden samen.
Zelf dacht Dijkgraaf daarom aan Katja Schuurman. 'Ik heb volgende week dinsdag een afspraak met haar. Ze wil me spreken voor haar documentaire over Theo van Gogh. Wil ik best aan meewerken, maar ik zal haar zeker een wederdienst vragen: een wekelijkse column bijvoorbeeld.'
Dat is het probleem met hufters: ze denken dat iedereen net zo denkt als zijzelf. Voor wat hoort wat, en voor geld is alles te koop. Bij Metro, net als haar hoofdredacteur een toonbeeld van journalistieke integriteit, is namelijk alles te koop. Zo werd de hele voorpagina op 29 augustus verkocht aan het poenkanaal Talpa.
Grappig genoeg schreef Dijkgraaf enkele weken eerder onder de kop ‘De grootste prostituée van alle Nederlandse hoofdredacteuren: Frans Lomans van SportWeek’ op zijn website een stukje dat eindigde met de mededeling: ‘Alvast voor de fans die denken dat ik dat ben: bij Metro is wél precies te zien wat redactioneel is en wat adervertentie...’ Maar dat was natuurlijk voordat Talpa een paar ton bood om Metro in zijn geheel als plakmuur te gebruiken.
Er lopen diverse hufters rond in de Nederlandse journalistiek, en vele, vele hoeren. Maar zelden zie je ze zo naadloos in één man verenigd als in Jan Dijkgraaf.
PS: Op Dijkgraafs weblog is overigens te lezen hoe groot de kans is dat Katja Schuurman columniste word van het treinvod Metro. Ze kwam niet opdagen voor de afspraak waar Dijkgraaf zich zo op verheugd had. Gis wijf, die Katja.
(Dit stuk verschijnt morgen tevens in Propria Cures.)
jaeggi om 08 september 2005 10:40
