« zielig geval | Main | vangst van de dag (7) »
15 september 2005
een beetje als Gwyneth Paltrow
Misschien komt het omdat je reflexen verslappen met het verstrijken van de jaren, of omdat je het rennen moe wordt, of omdat het je op een gegeven moment eigenlijk niet meer kan schelen, maar vroeg of laat komen ze je op het spoor, en dan is er geen ontsnappen meer aan de organisatoren van je middelbare schoolreünie. Degene die mijn telefoonnummer opgespoord had lachte met de triomfantelijkheid van de premiejager.
‘Dat had je niet gedacht hè? Na al die jaren?!’
‘Nee, dat had ik niet gedacht. Met wie spreek ik ook alweer?’
‘Met Marius!’
‘O, Marius, natuurlijk. Alles goed met je, Marius?’
‘Je hebt geen flauw idee meer wie ik ben hè? Nee, zeg maar niks, jij bent nog precies dezelfde als vroeger. Hahahaha! Die Aad!’
Aad. Is er in mijn verleden ooit iemand geweest die mij Aad genoemd heeft?
‘Maar hoe gaat het nou met je?’
‘Ja, wel goed, ik…’
‘Man, zeg maar niks meer, dat lezen we toch elke week in je column? Ouwe brillenjood! Hè? Ik zeg vorige week nog tegen Tineke, die Aad is in al die jaren he-le-maal niks veranderd. Dat is nog diezelfde leipe goser van toen, die toen zo verliefd op je was. Ik zie het nog voor me, jij altijd in die enorme groene legerjas, net of je een bungalowtent aanhad, met zo’n zwarte baret op je knar, en maar als een hondje achter Tineke aanlopen. Jaja! Nou vraag je je misschien af, hoe weet ik dat: nou, ze zit hier naast me op de bank. Hier, ze wil even wat zeggen tegen d’r ouwe vlam.’
‘Ja, met Tineke! Ken je me nog?’
Een stem als een kookwekker. Tineke? Ik doe een wilde gooi.
‘Ja, natuurlijk ken ik je nog. Jij was toch blond?’
‘Blond? Nou, vleier. Donkerblond misschien. Weet je nog? Ik droeg mijn haar altijd zo in mijn ogen gekamd. Een beetje als Gwyneth Paltrow, maar dan donkerder. Je hebt me indertijd wel tien brieven geschreven. Dat weet je toch nog wel? En ik heb een keer zó’n bos bloemen van je gehad. Heel vleiend hoor, maar ja, al die emotionele toestanden, daar kon ik toen gewoon niet zo goed mee omgaan.’
Er begint me iets te dagen. Een stil, tenger meisje, met haar haar altijd voor haar ogen. Spijkerjackje. Smalle schoudertjes. En die groene jas, die had ik uit de legerdump. Verdomd, het komt allemaal weer terug. Dan is Marius waarschijnlijk die roodharige zaalvoetballer die altijd je schooltas afpakte om mee te voetballen, op het schoolplein. Altijd een grote bek, al vonden de meeste meisjes dat gek genoeg wel leuk.
Hij heeft de telefoon weer overgenomen.
‘Nou, ik hoor het al, je bent nog net zo’n ouwehoer als toen. Zeg, je komt toch zeker op de reünie?’ Ik zou Tineke misschien best weer eens willen zien, maar een hereniging met Marius kan me niet lang genoeg uitgesteld worden.
‘Wanneer precies?’
‘Even kijken: negen november.’
‘Hè, wat jammer, dan heb ik al wat. Als het nou een dag later was…’
‘…wacht even, wat zeg ik nou? Negen is een woensdag, dus we hebben het over vrijdag elf. Hartstikke leuk zeg, ik zet je op de lijst. Ik heb bijna iedereen te pakken, zelfs een paar ouwe leraren die nog leven. Melchior, van Geschiedenis, weet je nog? Die toen dat dartpijltje in zijn hand kreeg? En dominee Dunkelman? Met dat ouwe deuxchevautje van ‘m, dat we toen nog met zijn allen op zijn dakkie hebben gezet? Dat geloof je toch niet, dat dat allemaal nog leeft?’
‘Oké, Marius,’zeg ik, ‘ik zal er zijn. Is het op de school zelf?’
‘Ja. 16 april, goeie ouwe St. Ignatius, Tilburg.’
‘Tilburg? Ik heb niet in Tilburg op school gezeten. Ik zat in Breda, op de Nassau-scholengemeenschap.’
‘Wat? Maar jij bent toch… Aad Jaeggi?’
‘Ik ben Adriaan Jaeggi. Maar ik heb niet in Tilburg op school gezeten.’
‘Maar hoe kan dat… Hee Tinus, weet jij zeker dat die… Hoe? Aad Jekel?’
De verbinding wordt abrupt verbroken. De rest van de avond denk ik weemoedig terug aan Tineke.
jaeggi om 15 september 2005 10:14
