« kathodische bescherming (3) | Main | de bananenrepubliek van de nederlandse poëzie »

05 december 2004

3 miljoen geraniums

Het NIPO constateerde, een jaar of wat geleden, dat 42 procent van de Nederlandse bevolking ouder dan zestien jaar 'privé schrijft'. Als de schrijvers van dagboeken, boodschappenlijstjes en excuusbriefjes voor de conciërge eruit gezeefd worden blijkt dat ruim een miljoen Nederlanders zich op de een of andere manier bezig houdt met het schrijven van literaire teksten, dat meer dan een half miljoen Nederlanders poëzie schrijft, en dat zeker zestigduizend landgenoten aan een roman werken. Het NIPO noemt deze getallen verrassend.
Ik was geen moment verrast. Ik ken al die mensen. Ze komen regelmatig bij me aan de deur.
Al sinds ik voor het eerst een stukje gepubliceerd kreeg en mijn naam in de krant stond wordt er op de raarste momenten aangebeld door mensen met een manuscript onder de arm. De manuscripten varieren van de met potlood op Albert Heijnbonnetjes gekrabbelde memoires van de buurtjunk, tot ware kunstwerken: gecalligrafeerd, uitgeprint in alle op de printer voorradige lettertypen, dit alles uitbundig met wascokrijt geillustreerd door een goede kennis van de schrijver, ingenaaid met zijden lintjes, compleet met flaptekst, waarin alvast een voorschot word genomen op de juichende recensies die het manuscript, eenmaal uitgegeven, ten deel zullen vallen. Vaak gaan de manuscripten vergezeld van een uitgebreid CV van de aankomend auteur, levensgeschiedenissen van vele pagina's lang waarin schrijnend te lezen staat hoe weinig een mens kan meemaken in een heel leven.
Ik laat ze nooit op de stoep staan. Daar kan mijn maag niet tegen. Ik neem ze mee naar boven, giet koffie of thee in ze en vang te luisteren aan. Zo zijn alle rampen die de schrijvende mensheid kunnen overkomen door de jaren heen mijn gewillig oor gepasseerd. Wilde gevoelspoëzie, abstracte breinslingers, associatieve gedachtentreinen, brute overpeinzingen, narcotische rap, weg met de volksverlakkerij, dood aan de arbeiders, fatale sonnetten, losgezongen paradoxen, mentaal discuswerpen, vliegende vaandels, hysterische acrostichons en vooral: heel veel lijden bij kaarslicht.
Als ze uitgelezen zijn vraag ik voorzichtig wat ze ermee willen, met hun housegedichten, met hun tetralogie over het gelukkige gezinsleven in de jaren vijftig. Soms aarzelen ze even, maar als ik zeg: 'Publiceren soms?' lichten hun ogen op. Het NIPO-onderzoek beweerde dat het overgrote deel van deze mensen schrijft zonder publikatiedrang, maar ik kan u verzekeren: dat liegen ze. Ik ben nog nooit iemand tegengekomen die wel schreef en niet wilde publiceren. Stuk voor stuk willen ze een boek gemaakt hebben.
Ze vertrekken zelfs geen spier als ik ze voorspiegel wat ze te wachten staat, mochten ze voor hun haiku-verzameling onverhoopt een uitgever vinden: een bestaan als literaire geranium. Een plaatsje achteraan de rij van debutanten die bij hun debuut al in draf op weg waren naar de vergetelheid. Want als ik dan opsta en driftig de glazen begin af te wassen pakken ze hun manuscript van de vloer, slaan het ergens in het midden open en vragen: 'Denk je dat dit duidelijk is, dat die glazenwasser niet echt een zusje heeft? Dat hij dat alleen maar denkt, in zijn hoofd?'

jaeggi om 05 december 2004 15:05

had je mij op de stoep laten staan?

Posted by: a at 05 december 2004 18:23

writersblock

Posted by: margarita at 05 december 2004 22:45

Ik probeer mijn manuscript al geruime tijd aan je te mailen, maar telkens krijg ik een mailtje terug dat je mailbox vol is. Denk je dat het verstandiger is om 1 deel uit te brengen in plaats van alle 7 tegelijk?!

Wat bedoelde je eigenlijk met "methodologisch beta-ge-emmer"?!

Posted by: BTheMan at 06 december 2004 08:43